Icon--npo spotify youtube twitter facebook instagram whatsapp linkedin mail search arrow-right menu arrow down clock Icon video audio camera snapchat theme location

‘Er is ook leven aan de andere kant van de 50’

Jan Wolfsheimer met stok in het water

Jan Wolfsheimer (49) zat in de midlifecrisis. In dit artikel vertelt hij wat deze crisis met hem deed. In het andere artikel lees je hoe hij met God door deze moeilijke periode heen is gekomen.

“Dit leven heeft z’n mooie, maar ook z’n minder mooie kanten. In evangelische gemeenten zijn we geweldig goed in het geven van prachtige, positieve getuigenissen. Maar ik verlang naar een pure kerk, waarin mensen ook gewoon boos kunnen zijn, en zeggen: ‘Ik ga nu eens een getuigenis geven van mijn rotleven, van mijn boosheid, verdriet en pijn. Jullie houden allemaal mooie getuigenissen, maar ik zit op de bodem van mijn bestaan, merk niks meer van God en heb geen idee hoe het verder moet.’ Dan komt de echtheid, maar ook de rauwheid van het leven naar boven.”

Heb jij iets van je worstelingen gedeeld in je gemeente?
“Ik heb het in onze oudstenraad verteld. En zonder ermee te koketteren heb ik er af en toe ook iets van gedeeld in mijn preken. Want dacht je dat ik zin had om preken te maken en te houden? Man, ik zou liever een lange vakantie naar Hawaï boeken. Bij wijze van spreken, want dat lukt niet met mijn salaris.”

Duisternis
“Ik heb me verschrikkelijk eenzaam gevoeld en onbegrepen. Natuurlijk praat je er wel over, bijvoorbeeld met je vrouw en je kinderen. Maar het blijft een eenzame weg. Als de ander zoiets niet zelf heeft meegemaakt, kan hij of zij je ten diepste niet begrijpen.” Bedachtzaam: “Ik zou het misschien wel bijna een Godverlatenheid noemen. Er was een tijd dat ik zelfs geen woorden vond om te bidden. Dan kon ik alleen maar een kaarsje aansteken op mijn donkere studeerkamer. En tóch was er ergens in die duisternis het besef: Hij is er, ik ben niet echt alleen. In Hosea zegt God tegen Israël: ‘Ik lok je naar de woestijn, om daar te spreken tot je hart.’ Zo’n wenk voelde ik ook. Alleen had ik geen flauw idee hoe ik daaraan gehoor moest geven.”

Heb je hulp gezocht?
“Op een van de moeilijkste momenten belde ik mijn goede vriend (de inmiddels overleden, red.) Frans Horsthuis op. Toen ik hem belde, kon ik gelukkig diezelfde middag bij hem terecht. Juist in deze crisis heb ik ongelofelijk veel gehad aan gesprekken en mailwisselingen met hem. Ik verloor mijn vader jong, en nu pas zie ik dat ik altijd op zoek ben geweest naar vaderfiguren in mijn leven: oudere, wijzere mannen met veel levenservaring.
‘Weet je wat,’ zei Frans, ‘wij gaan samen naar de Heer luisteren en kijken wat Hij tegen ons zegt. De dialoog die in het gebed ontstond, ging heel diep en was zeer confronterend. De Heer tegen me zei: ‘Jan, wil je niet dichterbij komen?’ ‘Heer,’ antwoordde ik, ‘ik geloof niet dat ik dat kan.  Zou U niet een eerste stap willen zetten en dichter bij mij willen komen?’ Toen zei Hij, om zo te zeggen in mijn ziel: ‘Maar Ik kán helemaal niet dichterbij komen, je bent zo vol van jezelf... Ik wist direct dat het daaraan schortte. Waren al die activiteiten die ik de afgelopen jaren ontplooide, misschien toch – deels – een vorm van vluchtgedrag? Ging het meer om mij dan om Jezus? Daar heb ik intensief met Frans over gesproken. Voor mij was dat een startpunt van iets waar ik mee verder kon.”

Ouder worden betekent dat de dood dichterbij komt. Is jouw eigen sterfelijkheid iets wat je hebt leren accepteren?
“Ik denk dat je sterfelijkheid pas ten diepste accepteert als het vonnis wordt uitgesproken en je beseft dat er geen ontkomen meer aan is; dat zie ik bij terminaal zieke gemeenteleden die ik pastoraal begeleid. Ieder mens heeft de drang tot leven in zich. Ik ook. Mijn moeder kreeg acht miskramen voordat ik kwam. Kennelijk moest ik er zijn. Dat besef geeft me rust: dan zal Hij mijn leven ook wel goed ‘afronden’, zelfs als dat door een proces van afbraak en misschien ziekte is.”

Jan Wolsheimer is sinds december 2018 directeur van MissieNederland. Hij is getrouwd met Lilian en vader van Martijn, Hannah en Yaël.

Tekst: Gert-Jan Schaap
Dit artikel is afkomstig uit EO Visie. Lees het volledige interview.