Icon--npo spotify youtube twitter facebook instagram whatsapp linkedin mail search arrow-right menu arrow down clock Icon video audio camera snapchat

Christa Anbeek

Christa Anbeek

Aanvankelijk leek het leven Christa Anbeek (1961) goed gezind. Samen met een broer groeide ze op in een apostolisch gezin. Maar toen ze in het derde jaar zat van haar studie theologie, verloor ze haar vader en broer aan een zelfgekozen dood en in diezelfde periode overleed haar moeder. Dat knakte haar geloofsvertrouwen en zette haar aan tot een zoektocht naar de (on)zin van de dood. Een paar jaar geleden stierf haar geliefde aan een hartstilstand tijdens een wandeling in de Spaanse bergen. Opnieuw werd ze geconfronteerd met de pijn van een verlies. Ze verwerkte haar ervaringen in haar boek ‘Overlevingskunst – leven met de dood van een dierbare’, dat vorig jaar verscheen. Daarin onderzoekt Anbeek wat filosofie, godsdienst en psychologie aan troost te bieden hebben. Ook haar ‘heilige tekst’ getuigt van de behoefte aan troost. Uit de Therigatha, een boeddhistisch heilig geschrift, leest ze het verhaal voor van Kisagotami: een moeder die de dood van haar kind niet kan accepteren, maar uiteindelijk tot aanvaarding en verlichting komt. Het herinnert haar aan het bijbelse verhaal van het dochtertje van Jaïrus. Daar is de afloop echter een geheel andere: Jezus wekt het dode meisje tot leven. “Dat onderstreept onze hunkering dat het ooit anders is met de dood.” De lijdenstijd, zegt Anbeek, is een periode van inkeer en het stellen van levensvragen. Ze ontwikkelde de ‘ethiek van de kwetsbaarheid’ en plaatst vraagtekens bij het zelfbeschikkingsrecht, zoals dat bijvoorbeeld door het burgerinitiatief Uit vrije wil wordt bepleit. Anbeek: “Wij zijn fundamenteel afhankelijk van elkaar, en kwetsbaarheid is geen tekort maar juist een waarde in het bestaan.”