Icon--npo spotify youtube twitter facebook instagram whatsapp linkedin mail search arrow-right menu arrow down clock Icon video audio camera snapchat

Het beste idee is dat God het Zelf doet

Het beste idee is dat God het Zelf doet

Soms geef je dingen uit handen, waarvan je later denkt: had ik het maar zelf gedaan. Dan was het vast beter, sneller of mooier gegaan. Jurjen ten Brinke vertelt dat God dat gevoel ook kent. Hij investeert voortdurend in ons leven. Hij laat ons in vrijheid reageren, maar of het daar nou beter van wordt? In het Bijbelboek Jesaja komen we een verhaal tegen waarbij God zichzelf vergelijkt met een wijngaardenier die een wijngaard heeft aangelegd. Hij heeft alle randvoorwaarden vervuld om een mooie oogst te mogen verwachten, maar de wijngaard levert niets dan teleurstelling op. En dan geeft God het op… of toch niet? Je hoort de bemoedigende boodschap achter dit verhaal in De Kapel.

Het idee van God

Bij het maken van de aarde, heeft God een aparte plaats aan de mens toebedeeld. Anders dan andere schepselen, kan de mens een relatie met God aangaan. Als eerste zocht God in het paradijs Adam op. Dat deed Hij niet alleen om te praten over het vruchtgebruik dat de mens over deze tuin had (Genesis 2: 16,17), ook op andere momenten kwam God dichtbij en liet Hij merken dat Hij contact zocht. (Genesis 3:8,9).

In een periode dat het Joodse volk onder zware omstandigheden gebukt gaat, zoekt Hij contact met Mozes. Als Mozes niet op deze ontmoeting bedacht is, ziet hij een struik branden, die niet door het vuur verteerd wordt. Met deze aandacht trekkende gebeurtenis start een hechte relatie tussen Mozes en God, dat tot de bevrijding van het onderdrukte volk leidt. Ook anderen, waaronder Samuel (1 Samuel 3:7-10), Jeremia (Jeremia 1:6,7), Paulus (Galaten 1:15,16), en natuurlijk ook Jezus zelf (Matteüs 3:17) hebben ondervonden dat God belang aan relatie hecht. Het is altijd Gods bedoeling geweest dat mensen een vrije toegang tot God zouden hebben. Nog steeds leeft dat verlangen bij God (Efeze 3:10).

Voor wie hier open voor staat, wil Hij niets van zijn geheimen en zijn liefde voor mensen verborgen houden (Matteüs 11:25). Hij geeft wijsheid aan wie erom vragen (1 Koningen 3:5-9, Jakobus 1:5), schenkt bijzondere bekwaamheden (1 Korintiërs 12:8-11) en laat eigenschappen groeien (Galaten 5:22), die de Zijne weerspiegelen. Het kan dan ook niet anders dat je God steeds beter leert kennen (Kolossenzen 1:10) en dat Gods goedheid geroemd wordt door degenen die hiermee kennismaken (1 Petrus 2:9). Wie in Zijn nabijheid leeft, bevestigt Zijn goede Naam  (Jesaja 6:3-4, Openbaring 4:8).

Om te overdenken

  • Op welke momenten of in welke situaties ervaar jij het meest dat je een relatie met God hebt?
  • Wat overtuigt jou van je relatie met God wanneer je er niets van ervaart?
  • Beschrijf eens een moment waarop God liet merken contact met jou te zoeken?
  • Waaruit blijkt jouw dankbaarheid aan God?

De menselijke vertaling van Gods wil

Wat hier de onderliggende reden of aanleiding ook voor is: er is sprake van een repeterende geschiedenis. Mensen kiezen er liever voor hun eigen weg te gaan en om God min of meer links te laten liggen. Adam en Eva grijpen uiteindelijk mis wanneer zij de misplaatste uitdaging niet kunnen weerstaan om net als God te zijn (Genesis 32:1-4). Kaïn accepteerde het niet dat God geen aandacht had voor zijn offer en botvierde zijn frustratie op zijn broer (Genesis 4:3-8). De Israëlieten konden niet wachten op het moment dat Mozes terugkeerde van zijn bergtocht om God te ontmoeten en maakten voor de zekerheid zelf maar een god (Genesis 32:1-4). Toen het rijk van Salomo na zijn dood in tweeën splitste, bedacht Jerobeam dat het beter zou zijn andere offerplaatsen te in te richten. Onder het motto ‘eigenbelang eerst’, wilde hij voorkomen dat zijn volk de grens over zou steken naar Jeruzalem, dat op grondgebied van zijn tegenstander lag, en dat het zou overlopen (1 Koningen 12:25-33).

Als mensen met Gods bedoeling aan de haal gaan, wordt het een puinhoop. De gemeente in Korinte is daar het bewijs van. Elke afzonderlijke groep doet zich vroom voor en gebruikt prachtige woorden, om zich ten koste van anderen te onderscheiden (1 Korinthiërs 1:11,12). Dit haantjesgedrag  kan alleen uit verkeerde motieven voortkomen (Jakobus 4:1). Dit ontspoorde gedrag komt niet alleen tussen groepen voor, maar ontstaat ook tussen individuele personen (Lukas 18:11,12; Jakobus 2:9). Jezus legt ook daar de vinger op de zere plek.

Hij stelt dit gedrag met een vergelijking aan de kaak. Het is alsof God een wijngaard gemaakt heeft, waarover Hij het bestuur tijdelijk uit handen heeft gegeven. Omdat die wijngaard van Hem is, verwacht Hij Zijn rechtmatige deel van de opbrengst. De beheerders hebben daar hun eigen opvattingen over en accepteren het niet dat zij het landgoed alleen maar in vruchtgebruik hebben. Wanneer de afdracht wordt opgehaald, rekenen zij op hun manier af: eerst moeten de knechten van de heer het ontgelden, en daarna zelfs zijn eigen zoon (Matteüs 21:33-39).

Om te overdenken

  • Wanneer heb jij voor het laatst een beslissing genomen of een houding aangemeten waarvan je weet dat dit niet goed was? Wie heb je daarmee teleurgesteld?

Jesaja 9:6
Een kind is ons geboren,
een zoon is ons gegeven;
de heerschappij rust op zijn schouders.
Deze namen zal hij dragen: Wonderbare raadsman,
Goddelijke held, Eeuwige vader, Vredevorst.

God doet het Zelf

Hoewel daar alle reden toe is, zet God geen streep door de mogelijkheid de relatie tussen Hem en de mens te herstellen. God laat juist zien dat Hij bereid is te vergeven (Jesaja 55:6-9). Om die reden kwam Jezus op aarde, en nam hij, ondanks zijn Goddelijke positie de houding  van een ondergeschikte aan (Filippenzen 2:7,8). Door Zijn sterven, kunnen mensen voor altijd bij God horen (Johannes 3:16). God realiseert, wat voor mensen onbereikbaar is (Lukas 18:27). Het was een weloverwogen keuze van God, die Hij al ver voor de komst van Jezus aankondigde (Jeremia 23:5,6).

Zoals een landman naar de opbrengst uitkijkt, zo verlangt God er ook naar dat wij vrucht dragen. Ook daar zorgt God overigens zelf voor. Het is niet nodig om uit jezelf goede dingen voort te brengen: bij degenen die de nabijheid van God opzoeken, valt vanzelf op dat God aan het werk is (Johannes 3:21). God verricht al het voorwerk, waardoor wij verschil kunnen maken (Efeziërs 2:10). Om voor God bruikbaar te kunnen blijven, moeten wij steeds afstemming met God blijven zoeken (Johannes 15:4).

Om te overdenken

  • Wat betekent het voor je dat God steeds de eerste stap wil zetten? Welke invloed heeft dat op jou?
  • Hoe kun je ervoor zorgen dat je God niet voor de voeten loopt, maar Hem volgt?